Dienstbaarheid

terug naar overzicht rubriek "Even voorstellen"

Het zijn geen gemakkelijke tijden voor religieuze roepingen. Grote getallen gewijden in de Heer zijn zeldzaamheden geworden. Dat kan en mag geen reden zijn tot onchristelijk pessimisme of doemdenken. Nieuwe vormen van religieuze inzet vullen nieuwe tijden in. Het diaconaat herleeft en is geleidelijk aan opnieuw een vaste plaats aan het krijgen in ons geloofsleven van de 21ste eeuw.
Onze federatie Sint-Amandus en onze parochie Sint-Pius X werken meer dan goed mee aan dit vernieuwende kerkproject. Soms denk ik, voel ik, bij het bidden van het gebed dat wij bij elke zondagsviering op het einde van de H. Mis uitspreken, dat gebed een eigen stille kracht heeft, een eigen genadige weg volgt. Telkens bidden wij immers: “Wij bidden U: zend ook in deze tijd, Uw Geest die stuwkracht is… Roep mensen tot Uw dienst opdat zij in Uw spoor, de weg van zelfvergeten liefde gaan.”
Dit gebed wordt deze week tweevoudige werkelijkheid binnen onze federatie. Zaterdag, jongstleden, werd binnen de Sint-Michielsbeweging Steven Knockaert tot diaken gewijd. Zondag 2 maart wordt onze parochiaan Dirk Deceuninck, in zijn Sint-Pius X-kerk, door Monseigneur Vangheluwe eveneens tot diaken gewijd. Meer dan een gelegenheid om met het echtpaar Dirk en Ann Deceuninck-Toye uit de Gouden Rivierlaan een gesprek te hebben.

Dirk, stel jezelf eens kort maar krachtig voor!

Even een poging om mezelf te tekenen. Geboren ben ik in Gullegem op 7 juni 1959. Uit een katholiek arbeidersgezin. Een prachtige Gullegemse jeugd gehad in de Gemeentelijke Lagere School van Gullegem en later in het VTI-Gullegem, waar ik Mechanica studeerde. Na mijn studies kwam ik in de textielsector terecht of hoe een (beroeps)-dubbeltje rollen kan. Toen ik Ann ontmoette vlinderde ik zo hevig, dat ik… het wist. Wij waren voor elkaar geschapen en zes dochters waren daar de bloeiende beklemtoning van. Een groot gezin dus, met toch toen al religieuze wortels. Inzet op de parochie, alle kinderen misdienaar… Het zat er toch een beetje aan te komen.

Wat aan te komen, Dirk, een roeping? Vertel eens wat betekende voor jou de werkelijkheid achter dit magische woord roeping?

Het sloop geleidelijk aan in mij: die vraag van de Heer. Maar toch kan ik het klaar en momentaan duiden in de tijd. Ik was zwaar ziek geworden, moest lange tijd opgenomen worden in het ziekenhuis, werd er geconfronteerd met ziekte en nood van anderen en van mijzelf en mijn gezin. Maar ook met menselijke schoonheid en menselijke dienstbaarheid. Dat deed mijn nadenken en dieper in mezelf woelen en graven. Op een nacht werd ik in mijn ziekbed wakker gedroomd door de gedempte drukte bij het overlijden van iemand die ik in het ziekenhuis had leren kennen. Dit afscheid, dit heengaan plaatste mij voor een ander heden. Ik omschrijf dit meestal als “MIJN AANROEPING”. Het begin van een nieuwe -nu definitieve- levenskeuze. Het werd mij duidelijk dat ik iets “gelovig” met mijn leven wilde doen. Het werd uiteindelijk het diaconaat. Maar er lag nog een lange tocht voor mij.

Ann, had jij enig vermoeden van wat leefde in Dirk in die tijdsperiode?

Uiteraard. Als vrouw voel je aan wat leeft in jouw man. Evolueer je (soms zonder dit uit te spreken) mee. Je maakt een huwelijk immers gezamenlijk tot wat het is. Je leeft, praat, ervaart, zwijgt, voelt, doet uiteindelijk alles samen. Toen Dirk voor het eerst concreet met mij sprak over zijn diaconaatsdroom, was dit voor mij geen echte verrassing. Zijn verwachting, zijn verlangen naar, zijn blijdschap erover was ook de mijne. En samen breng je dit over naar de kinderen. Het gezinsleven krijgt er een nieuwe diepte door. Al staan wij nog altijd bewonderend versteld hoe verrassend positief onze zes dochters – elk vanuit hun jeugdige verscheidenheid – erop gereageerd en meegeleefd hebben. Jongeren van onze tijd begrijpen soms veel meer van “de diepe dingen” dan wij denken. Alleen geven zij er een eigen tijdsjasje aan en met deze jasjes hebben andere generaties soms wat meer moeite.

Stelt zulke diaconaatsopleiding zware eisen aan jullie zelf en aan het gezin?

Het is een keuze die uiteraard konsekwenties heeft voor het ganse gezin, zegt Dirk, glimlachend naar Ann. De “aanroeping” moet gekneed worden tot roeping en dit vraagt inzet en discipline. Vergeet niet, dat de hele vormingsperiode van bijna vier jaar, gezinsmatig gebeurt. Zowel Ann als ik moesten dezelfde vormingssessies doormaken, samen met drie andere diakens-in-spe en hun echtgenotes. Je leert er natuurlijk enorm bij en de uitwisseling van ervaringen is zeer leerrijk. Het vormingsproces is werkelijk een groepsgebeurtenis en je hebt vooral de mogelijkheid om de opgedane kennis later als vrouw en man binnen het gezin verder uit te gronden en vooral aan elkaar te toetsen. Ook de retraites zijn in feite een essentieel onderdeel van die cyclus. Een aantal dagen volledig religieus, geloofsmatig en “met overgave” kunnen samen zijn en dit ook kunnen delen met toekomstige collega’s. Het is een catechetische zegening.
Daarbij komt nog de persoonlijke begeleiding van zowel de toekomstige diaken als van zijn echtgenote. Beiden hebben een geestelijke leider, die de opgang naar het diaconaat maandelijks persoonlijke richting geeft. Onze echte dank gaat hier dan ook uit naar onze begeleiders pastoor Roggeman (Marke) en pater Leonard Heyse, die met ons een heel stuk weg hebben afgelegd.

Hoe krijgt die permanente vorming concreet vorm in een gezin van zes dochters, waar de drukte toch niet weg te snijden is. Zes kinderen in een gezin, dat is op vandaag geen evidentie meer en dan nog deze diaconie-vorming erbij! Leg het maar eens uit!

Het was natuurlijk een opportuniteit dat gedurende die vormingsjaren onze kinderen al een heel stuk op eigen benen konden staan. Wij kunnen er nu ook al de drie kleinkinderen bijtellen. Voor jonge gezinnen met kleine kinderen moet dat echt wel een bijkomende opdracht betekenen. Voor ons gezin zijn de kinderen, eerder dan een zorg, een echte steun geweest bij de overgang van AANROEPING naar ROEPING en de praktische UITWERKING daarvan.
Wij hebben ook gepoogd binnen ons huis, een religieuze thuis uit te bouwen. Anno 2000 zijn wij definitief op de Sint-Pius X-parochie komen wonen en hebben wij ons ook “liturgisch” geïnstalleerd. In onze leefruimte hebben wij een gebedskapelletje geïnstalleerd, waar wij ons in stilte kunnen terugtrekken in gebed en meditatie. Onze gemeenschappelijke bijbellezingen en onze dagelijkse brevier (ja, ja die traditionele brevier van zoveel jaren en jaren terug is… nog altijd actueel en blijft voor ons uiterst belangrijk) zijn stevige spirituele houvasten. Teksten die ons blijven doen opkijken naar het kruis: symbolische uitdrukkingskracht van het ambt dat wij nederig maar stevig overtuigd, willen opnemen.

Mag ik even stout uit de hoek komen? De echtgenotes krijgen precies dezelfde vorming, maar blijven later in de ambt schaduw van de mannelijke diakens. Is dat soms niet wat wrevelig om dragen?

Ann: Je gaat het samen aan en je weet het vooraf, dus niet geklaagd. Maar het is natuurlijk duidelijk dat daarover wordt gepraat. Ook onze bisschop heeft daar reeds duidelijk zijn mening over gezegd. Op dat vlak zal de Kerk zeker nog verder evolueren. Een wereldkerk weerkaatst natuurlijk veel verschillende schakeringen, is ook gebonden aan tijd en ruimte. Geduld blijft aldus ook hier een mooie deugd. Maar wees gerust, dat is voor ons niet de essentie. Wij zijn heel blij dat wij tezamen aan iets kunnen bouwen, tezamen iets kunnen beleven. Uiteindelijk is dit diaconaat dat wij samen hebben geplaveid, een van de mooiste dingen die ons in het leven is overkomen. Je moet dus zorgen dat je de kern niet laat verzuren door de ietwat kleine randjes. Want ook het diaconaat blijft iets menselijks in zijn uitvoering. En alles heeft de gebreken van zijn hoedanigheden. Het belangrijkste is, dat wij door die gemeenschappelijke pastorale staptocht nog dichter naar elkaar zijn gegroeid. Die echtelijke vorming blijft een noodzakelijkheid. Precies zoals elk gezin, regelmatig gezamenlijk zijn maaltijd neemt. Zo blijft men er voor mekaar.

De grote dag nadert Dirk. Welk gevoel zal overheersen, denk je, wanneer je uitgestrekt op de grond de wijding van onze bisschop ontvangt?

Een gevoel van dankbaarheid dat ik dienstbaarheid mag opnemen binnen onze grote kerkgemeenschap. Want uiteindelijk was dit mijn uitgangspunt bij het nemen van mijn beslissing: hoe kan ik er zijn voor de anderen ? Hoe kan ik ‘stukjes’ Evangelie waar maken ? Hoe kan ik de warmte die besloten ligt in het woord diaconaat (maatschappelijk hulpbetoon vanuit de Kerk) echt in mijn leven uitbouwen. Daartoe kunnen gewijd worden, maakt mij stil gelukkig en zal mij draagkracht geven om mijn opdracht waardig in te vullen.

Ann en Dirk, wij wensen jullie, namens de ganse parochiegemeenschap, op zondag 2 maart een blije, witte zondag toe, waarin een droom wordt waar gemaakt, die als een regenboog naar anderen toereikt. Een Hoogdag voor jullie allen. Een vertrekpunt naar een nieuwe gewijde taak toe. Meteen een hartelijke uitnodiging naar alle parochianen om die dag kerkelijk of in gedachten of gebed aanwezig te zijn en samen ingetogen geluk te delen.