In de kijker

In deze rubriek richten we de aandacht op mensen die veel voor onze parochie betekenen.


Zuster Rachel 100 jaar

Op 19 mei 2014 mocht zr. Rachel van de Zusters van Liefde haar honderdste verjaardag vieren.  Van de feestelijke dankviering, die op 25 mei in de Sint-Elooiskerk werd gehouden, leest u elders op deze website nummer een verslag. Hier brengen we een levensschets van zr. Rachel, geschreven door zr. Liesbeth Foulon, overste van de communauteit van de Rekollettenstraat.

25 mei 2014 werd voor onze zustergemeenschap een jubeldag. Samen met de parochiegemeenschap, familie, medezusters en vrienden mochten we in dankbaarheid de honderdste verjaardag van Zuster Rachel Van Nieuwenhuyse in onze kerk vieren.

Op 19 mei 1914 zag zij het levenslicht in Tielt op de wijk ‘de Ratte’. Nog maar enkele weken oud of ze maakte reeds de Eerste Wereldoorlog mee. Duitse soldaten bezetten hun huis. Zuster Rachel groeide op als tweede oudste tussen zes broers en drie zussen. Alleen haar broer Jules is nog in leven. Van haar vader Emerik erfde ze haar zin voor orde en goede organisatie. Zoals haar moeder Maria wist ze van ‘zorgend’ in het leven te staan. Van kleuteronderwijs was geen sprake, maar de lagere en beroepsschool bracht zij tot haar 18de jaar door in de school "De Liefde" te Tielt. Daar leerde ze de kunst van het naaien, wat haar later goed van pas kwam in het atelier aldaar, maar ook in het klooster.

Op jeugdige leeftijd was ze reeds geboeid en bezield door Christus en het was dan ook geen wonder dat ze in 1939 op vijfentwintigjarige leeftijd aansloot bij de zusters van Liefde te Heule. Na haar noviciaat studeerde zij aan drie verschillende verpleegsterscholen: Brugge Sint-Jan, Roeselare ‘Ick dien’ en Kortrijk Sint-Niklaas. Zo behaalde zij twee verpleegsterdiploma’s (die ze zelf nooit heeft gezien!), maar ze heeft altijd gewerkt voor drie! Je moet weten dat in het klooster in die tijd naast het gebed, de klemtoon nogal duidelijk viel op ‘het werken’ – zoals toen algemeen verspreid was in ons Vlaamse land: dat het vooral op ‘werken’ aankwam.

Tot 1953 werkte zuster Rachel in de mannenzaal van de kliniek Maria’s Rustoord in Roeselare. Vanaf 1953 kwam men haar tegen langs vele West-Vlaamse wegen: Hulste, Otegem, Voormezele, Leffinge, Zarren, Sint-Andries, Stene, Mannekesvere, Meetkerke, Houtem, Houthulst,… In dienst van het Wit-Gele Kruis trok ze als heel bekwame verpleegster, eerst per fiets, later met haar kevertje, naar haar zieke mensen, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Vooral haar liefde, haar bekwaamheid en haar toewijding, waarmee ze als zuster van Liefde haar zieken benaderde, hebben haar blijvend getekend.

Eenmaal op pensioen zat zuster Rachel nog niet stil. In 1974 nam ze de verantwoordelijkheid op zich van onze gemeenschap in Home Bethanie hier in Kortrijk. Kamers behangen voor de vele meisjes, die er werden opgenomen, was haar hobby. In 1983 vervoegde zuster Rachel onze huidige gemeenschap in de Rekollettenstraat, waar zij ondertussen al 31 jaar verblijft en we haar ook tot de echte Overleienaars rekenen.

Haar ‘zorgend aspect’, van huis uit meegekregen, blijft in haar gebakken. Ook het diepe geloofsleven, dat zij in haar jeugd meegekregen heeft, blijft tot uitdrukking komen in haar vele uren van gebed. Als ik haar opzoek, kijk ik best even in de kapel of… in de naaikamer, bavetten herstellend voor de instelling Zonnebloem of… in de keuken, porei snijdend voor de soep… of in de living aan de brei. Van stilzitten heeft ze nog niet veel verstand!

In die 100 jaar evolueerde zij wel van een ‘Vlaams trekpaard’ naar een ‘Vlaams luxepaard’, genietend van de luxe om heel wat tijd aan de Heer te geven aan wie ze haar familie, buren, medezusters en vrienden toevertrouwt.
Zuster Rachel, graag drukken we, bij uw 100 jaar zijn, onze heel gemeende dank uit aan u en aan de Heer, die de motor is van uw zeer gelukkig leven in liefdevolle dienst aan vele mensen. PROFICIAT!


Jubileum Ziekenzorg en ziekenpastoraal

25 jaar dienstbaarheid

Op zondag 13 oktober 2013 werd in de Sint-Elooiskerk een dankmis opgedragen voor het 25-jarig bestaan van Ziekenzorg Overleie en de werkgroep ziekenpastoraal op onze parochie. We schetsen hier het ontstaan van de gevierde organisaties.

De ziekenwerking op onze Sint-Elooisparochie is gegroeid uit de jaarlijkse ziekendag. Deze ziekendag werd onder impuls van E. H. Arnold Lambrecht voor het eerst georganiseerd in 1970 door KAV-KWB en de Spatjes. Op deze ziekendag, die nog altijd bestaat, wordt een namiddag georganiseerd in het parochiecentrum met eucharistie, koffietafel en ontspanning, en krijgen de zieken die zich niet kunnen verplaatsen een bezoek thuis, in het ziekenhuis of in het rusthuis. Een prachtig initiatief, waar velen zich vroeger en nu voor inzetten. Maar men was er zich van bewust dat langdurig zieken behoefte hadden aan meer aandacht en nabijheid dan alleen op die ene dag. Bovendien groeide het besef dat ook leken een rol te spelen hadden in de pastorale zorg voor de zieken, en hierin een belangrijke steun konden betekenen voor de parochiepriesters, die zo vaak mogelijk zieken bezochten, maar zich geconfronteerd zagen met een steeds uitbreidend takenpakket.

In 1984 werd zr. Jeanne Wylin in onze parochie aangesteld als lid van het parochiaal team. Zr. Jeanne was meer dan 20 jaar als verpleegster-vroedvrouw werkzaam geweest in Congo, maar had om gezondheidsredenen haar missiewerk moeten stopzetten. Het was als vanzelfsprekend dat zij in haar werk als parochie-assistente vooral aandacht zou hebben voor de zieken- en missiepastoraal. Zr. Jeanne begon mensen te zoeken die bereid waren bij zieken te waken. De buurtwerking, die in onze parochie sterk was uitgebouwd, bood de kans om parochianen te vinden die de zieken in hun buurt regelmatig eens wilden bezoeken. Tot op vandaag is er nog altijd een groep die ervoor zorgt dat zieken en bejaarden die dat wensen regelmatig namens de parochie een bezoekje ontvangen. Naast de Ziekendag van KAV-KWB werden er ook andere vieringen speciaal voor de zieken georganiseerd, zoals de eucharistie op Witte Donderdag, waar de kans werd geboden om het sacrament van de zieken te ontvangen. Enkele parochianen namen de verantwoordelijkheid op zich om de coördinatie en de organisatie van deze ziekenwerking te behartigen. Zo kwam de werkgroep Ziekenpastoraal tot stand.

Het was ook in de context van de zorg voor langdurig zieken dat de vraag ontstond om op Overleie met een afdeling van Ziekenzorg CM te starten. Ziekenzorg CM is een vereniging van en voor chronisch zieken, zorgbehoevende personen en gezonden, die het voor elkaar opnemen. Ziekenzorg CM omschrijft haar doelstelling als volgt:
"Een chronische ziekte leidt in onze samenleving dikwijls tot ontmoediging en vereenzaming. Samen met duizenden vrijwilligers wil Ziekenzorg CM een waaier activiteiten aanbieden om dit sociaal isolement te doorbreken en om langdurig zieken, zorgbehoevende personen en hun mantelzorgers te ondersteunen in het leven met een chronische ziekte. Het empowerment, het weerbaarder maken van chronisch zieke mensen staat centraal."

Vijfentwintig jaar geleden werd gestart met de afdeling Ziekenzorg CM Overleie. Maandelijks werd er een "Onder ons"-namiddag georganiseerd in het parochiaal centrum. Een blik op het jaarprogramma 2013 leert ons dat er een heel gevarieerd programma wordt aangeboden: vaak wordt een deskundige spreker uitgenodigd over uiteenlopende onderwerpen zoals cholesterol, besparen in het huishouden, erfenis en successierechten. Er zijn ook namiddagen aangepast aan de tijd van het jaar: een nieuwjaarsreceptie, pannenkoeken op Lichtmis, paasviering, Sinterklaas en kerstviering. En regelmatig is er ook bingo, waarbij altijd op milde schenkers mag gerekend worden voor de prijzenpot. De tweede zondag van oktober ten slotte is er de "Dag van de chronisch zieke mens" met een eucharistieviering, receptie en feestmaal. Dit jaar is deze dag meteen de gelegenheid om het 25-jarig bestaan van de lokale Ziekenzorg-afdeling te vieren.
Bij de oprichting van de afdeling Ziekenzorg Overleie waren er al meerdere afdelingen in Kortrijk. Toen de afdeling Kortrijk-Centrum het wat moeilijker begon te krijgen werden de handen in elkaar geslagen, zodat we nu de afdeling Ziekenzorg CM Centrum - Overleie kennen.

We zijn gelukkig dat we op 13 oktober vier van de pioniers van de ziekenwerking op onze parochie konden huldigen: oud-pastoor Arnold Lambrecht, Thérèse Toye, zr. Jeanne Wylin en Denise Delombaerde. Hoe deze huldiging verliep leest u in het volgend nummer.


Jubileum Zusters van Liefde van Heule

Voor de Zusters van Liefde van Heule is 2013 een jubileumjaar. In 1838, dus 175 jaar geleden, werd de congregatie gesticht door Agatha Lagae. Een jubileum dat in het moederklooster in Heule werd gevierd, onder meer met een plechtige eucharistieviering in de Sint-Eutropiuskerk.
Aangezien er als sinds 1871 een bijhuis van deze congregatie bestaat op onze parochie, mochten we dit jubileum niet ongemerkt laten voorbijgaan. Op zondag 22 september werd in de Sint-Elooiskerk een dankmis opgedragen.
Op deze pagina vind je de geschiedenis van de Zusters van Liefde op Overleie.


Een verdiend eerbetoon voor Albert Vandeweege

Het was even een ongewoon beeld voor de bewoners van het RVT Sint-Vincentius die op zaterdagnamiddag 26 januari de eucharistie bijwoonden in de stemmige kapel van het rusthuis. De aalmoezenier Jozef Oost kreeg assistentie van twee andere priesters en in de kapel waren een aantal onbekende bezoekers aanwezig.
In zijn inleidend woord gaf pr. Jozef Oost de verklaring: de eucharistie werd opgedragen voor de intenties van Albert Vandeweege, die sinds enkele maanden in Sint-Vincentius verblijft. Pr. Noël en pr. Geert, de priesters van de Sint-Amandusfederatie, waren samen met familieleden van Albert en een aantal parochianen van Sint-Elooi naar hier gekomen om hem te danken en te huldigen.
Albert Vandeweege aan onze lezers van Kerk & leven voorstellen hoeft allicht niet. We hebben Albert altijd op het Sint-Amandsplein weten wonen. Tijdens zijn beroepsloopbaan stapte hij ontelbare malen door de Sint-Amandslaan naar het Sint-Amandscollege, waar hij directiesecretaris was. Ook in het college maakte Albert zich al op veel vlakken verdienstelijk. Pr. Jozef Oost, zelf oud-leraar van het college, verwees naar zijn inzet voor de choreografiegroep "De Kornet". Na Alberts pensionering richtten zijn passen zich eerder naar de Sint-Elooiskerk in de Overleiestraat, want hij nam tal van parochiale taken op zijn schouders. We noemen er slechts enkele. Hij verzorgde vijftien jaar lang de parochiale rubriek van Sint-Elooi in Kerk & leven, en behartigde ook de administratie van de abonnementen. Hij redigeerde en kopieerde allerlei parochiaal drukwerk zoals buurtbrieven, paas- en kerstbrochures en misboekjes. Als secretaris van de parochieraad zorgde hij voor de uitnodigingen en verslagen. Hij verstuurde alle mog elijke uitnodigingen, o.a. voor maand- en jaarmissen. Enzovoort… De opsomming is verre van volledig! Het aantal uren dat hij aan dat werk besteedde is niet te schatten. Albert voerde alle taken uit met een niet te evenaren nauwkeurigheid en stiptheid en in de grootst mogelijke bescheidenheid.
Vorig jaar moest hij jammer genoeg om gezondheidsredenen zijn dienstwerk stopzetten en samen met zijn zus Monique de vertrouwde woning aan het Sint-Amandsplein inruilen voor een kamer in het RVT Sint-Vincentius in de Groeningestraat.
Er werd dan ook gezocht naar een passende manier om hem voor zijn jarenlange inzet te danken en te huldigen. Op vraag van de priesters van de federatie kende mgr. Jozef de Kesel, bisschop van Brugge, het gouden ereteken van Sint-Donatianus toe aan Albert, als blijk van grote waardering voor zijn jarenlange dienstwerk ten goede van de Kerk. Na de woorddienst werd de oorkonde voorgelezen en kreeg Albert het ereteken opgespeld. Een plechtig en ontroerend moment, dat bezegeld werd met een krachtig applaus van de aanwezigen. Ook de bewoners van Sint-Vincentius waren enthousiast over het eerbetoon dat hun medebewoner te beurt viel. Na de eucharistieviering kregen de vrienden van de Sint-Elooisparochie de gelegenheid om Albert persoonlijk te danken en te feliciteren en om samen het glas te heffen in de ontmoetingsruimte van het rusthuis. We konden vaststellen dat het oude vuur nog lang niet gedoofd is bij Albert: hij heeft nog altijd suggesties en raadgevingen in petto om de parochiale werking verder te optimalisere n. De fysieke afstand tot de Sint-Elooisparochie is wat groter geworden, maar de verbondenheid in hart en geest blijft onverminderd bestaan.


Het Sint-Elooiskoor twintig jaar jong

In de liturgie speelt het gesproken woord een vooraanstaande rol door lezingen, gebeden en homilie, maar muziek geeft aan de liturgie een extra dimensie. Muziek wekt gevoelens op of geeft er uitdrukking aan, met muziek 'heffen wij ons hart op tot God in de hemel.'
Het is dan ook een grote waarde als een parochiegemeenschap voor de muzikale ondersteuning van de liturgie kan beschikken over een eigen koor. Onze Sint-Elooisparochie kent een rijke koortraditie, die begon in 1907 toen met enkele leerlingen uit de toenmalige broederschool een kinderkoor werd opgericht, dat enkele jaren later overging in een mannenkoor. Later komen we terug op de muzikale geschiedenis van onze parochie. Hier richten we de schijnwerpers exclusief op het huidig Sint-Elooiskoor dat op 2 december zijn twintigjarig bestaan viert.

De geschiedenis ervan start in 1992. Op dat ogenblik was er op Sint-Elooi geen actief volwassenenkoor meer. De toenmalige pastoor Arnold Lambrecht, overtuigd van de meerwaarde van een eigen parochiekoor, probeerde een nieuw initiatief op te starten. Hij sprak hiervoor Walter Deschodt aan, die toezegde. Walter begon mensen van de parochie aan te spreken en op 26 oktober 1992 werd het nieuwe Sint-Elooiskoor opgericht. Er waren twaalf leden, pastoor Flor Claerhout was proost en orgeliste Melanie De Bleeckere zorgde voor de begeleiding. Het eerste optreden was in de mis van Allerzielen op 2 november 1992. In het eerste jaar waren er elf optredens.
Het koor had succes want na vijf jaar waren er al 29 leden en ook het aantal uitvoeringen nam gestaag toe tot een dertigtal per jaar. Naast de eucharistievieringen in onze Sint-Elooiskerk, vooral op de hoogdagen, verzorgde het koor ook vieringen voor de zieken, jubileummissen en uitvaarten, en het was ook regelmatig te gast in andere kerken.

Naast de "gewone" optredens in eucharistievieringen waren er ook geregeld grote evenementen met talrijke uitvoerders. Het begon in 1999 toen op initiatief van pastoor Patrick Degrieck de relikwieën van Sint-Elooi enkele dagen in onze kerk aanwezig waren. Op 24 oktober 1999 werd de slotviering van dit gebeuren verzorgd door niet minder dan zes Sint-Elooiskoren uit ons bisdom. In de volgende jaren werd er verschillende malen een kerstconcert in onze kerk gegeven met een groot aantal uitvoerders. Enkele jaren geleden was er een Valentijnsconcert in het ontmoetingscentrum van Marke, en eerder dit jaar het succesvolle "Favoriete evergreens" in de Kortrijkse stadsschouwburg.
Het Sint-Elooiskoor is uitgegroeid tot een veelzijdig en actief koor, maar het is ook een hechte vriendengroep. Een jaarlijkse uitstap en het Sint-Ceciliafeest bezegelen die vriendschap.

Twee decennia lang al is het Sint-Elooiskoor een steunpilaar van onze parochiegemeenschap. Al die tijd was Walter Deschodt niet alleen de dirigent maar ook de bezieler van het koor. Er was dus alle reden om het jarige koor te vieren. Dat gebeurde op zondag 2 december in de eucharistie van 9.45 u. Het werd een bijzondere viering. De mis werd geconcelebreerd door de huidige pastoors en diakens van onze federatie, samen met de vroeger pastoors Arnold Lambrecht, Flor Claerhout en Patrick Degrieck en pr. Chris Depaepe. Walter Deschodt dirigeerde voor de gelegenheid niet alleen ons eigen parochiekoor, maar ook het Sint-Eligiuskoor uit Sint-Eloois-Vijve. De koren werden begeleid door een aantal professionele muzikanten: Frederik Caelen, accordeon, Angelino Manderick, saxofoon en orgel, Geert Deschodt, doedelzak, Willy Dheere, bariton en Marie-Jeanne Seynaeve, sopraan. Vele sympathisanten van onze parochie en van het Sint-Elooiskoor waren aanwezig en genoten van een piekfijn verzorgde viering en receptie.


Zuster Maria Schollier en zuster Rachel Clicteur: tweevoudig jubileum bij de zusters van Liefde uit de Rekollettenstraat

Op 17 juni 2012 vieren twee van onze zes zusters hun jubileum tijdens de eucharistie van 9.45 uur in de Sint-Elooiskerk.
Zuster Maria Schollier viert 70 jaar professie en zuster Rachel Clicteur viert 65 jaar professie!
Proficiat aan onze twee jubilarissen, die samen met hun medezusters, hun grote familie en alle aanwezige parochianen de Heer willen danken om de vele gaven die ze van Hem mochten ontvangen om als ‘zusters van Liefde’ mensen nabij te zijn in lief en leed.

Zuster Maria Schollier werd geboren in Snellegem op 22 november 1921. Zij was de zesde oudste uit een gezin van 15 kinderen. Op 8 december 1940 vervoegde ze de zusters van Liefde te Heule waar ze op 25 augustus 1942 haar geloften uitsprak. In Brugge volgde ze de opleiding tot verpleegkundige. Na zich enkele jaren ingezet te hebben voor bejaarde medezusters vond ze algauw de weg naar het Wit-Gele Kruis. In heel wat gemeenten stond zij aan de wieg van het Wit-Gele Kruis. De zusters van het Wit-Gele Kruis veranderden om de twee jaar van gemeente en zo leerde ook zuster Maria nagenoeg heel West-Vlaanderen kennen. Ze wist van aanpakken en was de zieken met een grote toewijding nabij. Vanaf 1975 verbleef zuster Maria in de onthaaldienst van het Missie-Animatiecentrum van de Paters Scheutisten in Kortrijk waaraan ze nog de beste herinneringen overhield! Vanaf 1983 kreeg zuster Maria een vaste stek in de gemeenschap van de zusters van de Rekollettenstraat. Met haar kooktalenten, het bakken van brood en haar hartelijkheid wordt zij er door haar medezusters heel geliefd en gewaardeerd. Wie zou dit nog kunnen op haar eenennegentigste?

Zuster Rachel Clicteur werd geboren op 19 september 1922, eveneens in Snellegem. Zij was de oudste dochter uit een gezin van 12 kinderen. Onmiddellijk na de oorlog op 8 december 1945 trok ze naar Heule. Op 20 augustus 1947 werd zij geprofest. Te Roeselare werd zij opgeleid tot ziekenverzorgster. Na een korte dienst aldaar in het ziekenhuis werd ook zij ingeschakeld in het Wit-Gele Kruis. Op die manier toerde ze heel West-Vlaanderen rond, eerst met de fiets, later met het gekende kevertje. Ze jeunde zich enorm bij de mensen en wist dan ook op vele plaatsen een abonnement te verwerven voor het tijdschrift Middelares en Koningin, waarvan zij een onvermoeide ijveraarster was. In 1993 vestigde ze zich in Heule-Watermolen. Om haar pedicure was zij toen alom gekend. Met grote liefde en geduld nam ze die taak op zich. Toen deze gemeenschap in 2006 gesloten werd, kreeg zij haar nieuwe thuis bij ons in de Rekollettenstraat. Fijn handwerk bleef haar grote hobby tot op vandaag. Helaas op 3 mei deed zij de overstap naar ‘Huize Sparrenhof’ in de Steenstraat te Heule, waar onze zorgbehoevende zusters de beste hulp krijgen door medezusters en leken.

Samen met hen beiden danken we de Heer omdat zij gedurende 135 jaar instrument mochten zijn van zijn Liefde bij zijn mensen hier in Vlaanderen met voorkeur voor al wie ziek of zwak was.
Wij, als medezusters, zijn fier en dankbaar voor hen en willen samen verder bouwen aan een liefdesgemeenschap hier op Overleie en gastvrij en dienstbaar zijn voor onze mensen hier, ook al zijn onze krachten beperkt geworden wegens onze leeftijd. Wij dragen jullie kommer en zorgen, vreugden en verdriet mee in ons gebed en vertrouwen dit dagelijks toe aan onze Heer en God, die één en al Liefde is!


In memoriam Jacques Seys (1923-2011)

Op 15 oktober is E. H. Jacques Seys overleden. Sinds zijn emeritaat in 1996 woonde E. H. Seys in Kortrijk.
Hij werd geboren in Ieper op 5 maart 1923. Na zijn priesterwijding in 1951 werd hij leraar wiskunde-wetenschappen aan het Klein Seminarie in Roeselare. Van 1962 tot 1973 verbleef hij een eerste periode in Kortrijk als medepastoor van de Sint-Elisabethparochie. Van 1973 tot 1980 was hij pastoor-deken in Avelgem en vervolgens tot 1996 pastoor in Stalhille (Jabbeke). Op al die plaatsen was hij een graag geziene priester, dienstbaar en vriendelijk, wijs en voorzichtig.
Na zijn emeritaat keerde hij terug naar Kortrijk, waar hij samen met zijn trouwe huishoudster, mevr. Simonne Gadeyne, in de Simon Stevinstraat kwam wonen. In de jaren dat hij hier verbleef maakte hij zich verdienstelijk op onze parochie. De eerste jaren droeg hij af en toe de weekendmis op in onze Sint-Elooiskerk of verzorgde hij de homilie. Hij hielp in het weekend ook in Rollegem. In zijn preken kwam de diepe overtuiging van zijn geloof tot uiting. Hij bezocht zieken en bejaarden en bracht hen de communie. Zolang zijn gezondheid het toeliet droeg hij elke weekdag de eucharistie op in het klooster van de Recollettenstraat. Ruim 10 jaar geleden, op 18 februari 2001, mochten we hem danken en feliciteren bij de plechtige viering van zijn gouden priesterjubileum in onze kerk.
Jacques Seys was een discrete en voorname maar ook oprecht hartelijke man. Veel parochianen zullen aan zijn stille aanwezigheid op onze parochie dankbare herinneringen bewaren.
E. H. Seys werd begraven op 22 oktober in Stalhille, zijn laatste parochie voor hij op rust ging.


In memoriam Germain Mahieu (1923-2011)

Op 31 mei 2011 is Germain Mahieu overleden. Op 7 juni namen zijn familie en vele vrienden en bekenden afscheid van hem in onze Sint-Elooiskerk.
Als rasechte Overleienaar was Germain een van de pijlers waarop de gemeenschap van Overleie en de Sint-Elooisparochie jarenlang konden steunen. Zijn engagement bestreek talrijke terreinen. Op sociaal en politiek vlak speelde hij een voortrekkersrol onder meer als voorzitter van KWB Overleie. Hij was jarenlang lid van de culturele raad van de stad Kortrijk. Zijn schilderstalent kwam goed van pas bij de Spatjes voor wie hij menig decor hielp realiseren. Hij was voorzitter van het parochiecentrum en hielp in die functie vele malen de Kastanjefeesten organiseren. In de parochie was hij ook actief als lid van de parochieraad en als lector.
Gedurende achtentwintig jaar was hij lid van de kerkfabriek, waarvan het grootste deel als penningmeester. Deze taak vervulde hij met grote nauwgezetheid en verantwoordelijkheidszin en in de beste verstandhouding met de opeenvolgende parochiepriesters. Voor al zijn inzet werd hij terecht gehuldigd door zowel de kerkelijke als burgerlijke overheden: hij ontving het Gulden Ereteken van Sint-Donatianus en de Burgerlijke Medaille Eerste Klasse, onderscheidingen waarop hij terecht fier was.
Naast deze vele engagementen was er vanzelfsprekend ook de trouwe zorg voor zijn echtgenote Denise en zijn kinderen.
De inzet van Germain voor zijn gezin en voor de gemeenschap waarbinnen hij leefde was geschraagd door een sterk geloof. Toen hij in 2005 gehuldigd werd bij zijn afscheid van de kerkfabriek besloot hij zijn dankwoord met de woorden: "Het is allemaal voor God gedaan."
Met Germain verdwijnt een van de meest markante figuren van Overleie. Zijn inzet blijft een voorbeeld voor ons allen.


In memoriam Jozef Decoene (1927-2011)

Op 13 januari 2011 is onze vroegere parochieherder E. H. Jozef Decoene overleden.
We proberen een beeld te schetsen van de bezieling waarmee hij zijn taak als priester vervulde, in het bijzonder gedurende de periode die hij op onze parochie doorbracht.

Jozef Decoene werd geboren in 1927 in Ledegem, maar bracht zijn jeugd door in Moorslede waar zijn vader hoofdonderwijzer was. Hij volgde zijn middelbare studies aan het Kleinseminarie in Roeselare, waarna hij naar het grootseminarie in Brugge trok.
Na zijn priesterwijding in 1953 was E. H. Decoene vijftien jaar werkzaam in het onderwijs. Zijn eerste benoeming kreeg hij als leraar klassieke talen aan het Sint-Amandscollege in Kortrijk. Van 1958 tot 1960 ging hij als priester in zending les geven in Luluaburg in het toenmalig Belgisch Congo. Na de perikelen rond de onafhankelijkheid van Congo bleef hij in België en werd hij eerst benoemd tot leraar aan het Sint-Aloysiuscollege in Menen en twee jaar later tot prefect van het Sint-Pauluscollege in Wevelgem.
Ook in zijn periode als parochiepriester zou het onderwijs verder voor een deel zijn werkterrein blijven: tijdens zijn jaren op Sint-Elooi bleef hij enkele uren per week godsdienstles geven, hoofdzakelijk aan het Sint-Amandscollege, en als deken van Izegem was hij ook voorzitter van de inrichtende macht van het plaatselijk katholiek onderwijs.

In augustus 1968 werd Jozef Decoene benoemd tot onderpastoor van de Sint-Elooisparochie, waar Jozef Ackerman pastoor was. Arnold Lambrecht, die hij kende van op het seminarie en als collega in het Sint-Amandcollege, was er het jaar voordien onderpastoor geworden. Na het overlijden van E. H. Ackerman in 1974 werd Pedro Nollet de nieuwe pastoor. In 1977 werd deze benoemd tot pastoor in Brugge, en kwam het nieuws dat er geen nieuwe pastoor zou aangesteld worden op Sint-Elooi. Arnold Lambrecht en Jozef Decoene vormden er voortaan de priesterequipe. Het zou een sterke ploeg blijken te zijn van twee persoonlijkheden die elkaar zeer goed aanvulden en in de beste verstandhouding de verantwoordelijkheden deelden. De activiteiten van E. H. Decoene die verder beschreven worden gebeurden dan ook altijd in samenwerking en overleg met zijn confrater.

Een van de taken waarvoor Jozef Decoene van bij zijn aanstelling instond was de zorg voor de liturgie. Het was de tijd van de liturgische vernieuwingen na het Tweede Vaticaans Concilie. De rol van de leken in de liturgie werd sterk opgewaardeerd en Jozef Decoene had dan ook bijzondere aandacht voor de begeleiding en vorming van acolieten en lectoren. Ook het Sint-Elooiszangkoor en later het Jeugdkoor genoten zijn zorg.
De homilie was voor hem een belangrijk onderdeel van de eucharistie. Hij was een begenadigd predikant, die in zijn goed gedocumenteerde homilieën blijk gaf van een grote belezenheid. Hij aarzelde ook niet om in maatschappelijk gevoelige kwesties duidelijke standpunten in te nemen.
De liturgische vernieuwing vergde ook een aangepaste inrichting van de kerkruimte. E. H. Decoene was de grote pleitbezorger van de aanpassing van het hoogkoor, die in 1973 gerealiseerd werd, en van latere aanpassingen zoals de inrichting van de Mariakapel en de vernieuwing van het portaal.
In die periode, waarin er aanvankelijk nog zes weekendmissen waren, vond de priesterequipe het al belangrijk dat de hele parochiegemeenschap regelmatig rond het altaar samenkwam om te vieren. Er werden dan ook bij diverse feestelijke gelegenheden grote vieringen op touw gezet met talrijke celebranten, verzorgde muzikale uitvoeringen met koren en orkest, choreografie door de groep "de Kornet" van het Sint-Amandscollege, inbreng van verenigingen in de offerstoet enz.
Ook de Geloofsdagen, een soort parochiale retraite, die in 1979 werden georganiseerd, waren een belangrijke bijdrage tot de gemeenschapsvorming van de parochie.

Dat in 1977 werd overgeschakeld van de klassieke formule van een pastoor en twee onderpastoors naar een parochie met twee gelijkwaardige medepastoors, was een eerste teken van de grote evolutie in de pastorale structuren die op komst was. Vanaf 1982 werd de priesterequipe uitgebreid tot een pastoraal team, met Pierre Naert als eerste parochieassistent. Later zouden ook zr. Jeanne Wylin en zr. Ann Hanson de taak van parochieassistent op zich nemen.
Vanuit de optiek dat de leken een grotere rol zouden moeten gaan spelen in de parochieopbouw werd in 1977 ook gestart met de buurtwerking. De parochie werd verdeeld in achttien buurten, die elk eenmaal per jaar een buurtmis hadden. Per buurt was er een buurtverantwoordelijke en een groepje animatoren die de buurtmis voorbereidden, nieuwe bewoners verwelkomden, parochiebrieven ronddeelden, aandacht hadden voor zieken en bejaarden enz. De buurtwerking leverde een grote bijdrage tot het bewaren en versterken van het sociaal weefsel, dat ook nu nog zo kenmerkend is voor Overleie.

De twee jaren die E. H. Decoene in Congo had doorgebracht zullen allicht zijn belangstelling voor de missies hebben gestimuleerd. Hij was op Sint-Elooi verantwoordelijk voor de missiewerking en verenigde alle initiatieven in dat verband in de werkgroep Missie en Derde Wereld. Naast de contacten met missionarissen afkomstig van onze parochie, zorgde hij ook voor de contacten met de Ruandese parochies in Nyakibanda en Kibeho. Verschillende studenten van het seminarie van Nyakibanda werden door onze parochie materieel en in gebed gesteund op hun weg naar het priesterschap. Tijdens de jaarlijkse vastenperiode bepleitte E. H. Decoene altijd vurig en met succes dat de parochianen mild zouden bijdragen aan Broederlijk Delen. Vanuit zijn missionaire belangstelling zorgde hij er ook voor dat de naam van pater Vandeputte vereeuwigd werd in het naar hem genoemde plein.

Ook buiten zijn onderwijsopdracht had E. H. Decoene bijzondere aandacht voor de jeugdwerking, die een probleem apart vormde op onze parochie, vanwege de veroudering en ontvolking. Hij was proost van de meisjeschiro, en na het verdwijnen van de Chiro-afdeling van Sint-Elooi werd gestart met de "Plus"-werking. Vanuit de vraag van ouders naar religieuze begeleiding van jong-volwassenen startte hij met Gerbe, Gespreksgroep voor Religieuze Bezinning, die ook voor jongeren buiten de parochie openstond. Voor veel jongeren vormden deze initiatieven het fundament waarop ze hun kerkelijk engagement verder uitbouwden.

De oecumene was een ander belangrijk werkterrein voor Jozef Decoene. Vanaf 1970 was hij de verantwoordelijke voor de bevordering van de oecumenische gedachte in het Kortrijkse. Hij had uitstekende contacten met de plaatselijke dominee Buunk, en nodigde hem uit om in onze kerk te komen preken ter gelegenheid van de Bidweek voor de Eenheid. Zo werd onze parochie de eerste in ons land waar een protestantse dominee de homilie hield tijdens een eucharistieviering in een katholieke kerk.
In het verlengde van zijn oecumenische verantwoordelijkheid werd op Jozef Decoene ook een beroep gedaan voor de zorg voor gastarbeiders. Hij werkte mee aan de oprichting van de vzw Opbouwwerk voor Migranten, en organiseerde enkele malen een gezamenlijke gebedsstonde voor christenen en moslims.

Het was onvermijdelijk dat het talent en de werkkracht van E. H. Decoene ook elders opgemerkt werden. Toen hij in 1988 benoemd werd tot deken van Izegem werd dat nieuws door de parochianen van Sint-Elooi op gemengde gevoelens onthaald. Enerzijds waren we trots dat onze pastoor een meer dan verdiende "promotie" kreeg, maar anderzijds konden we ons de parochie zonder hem niet goed meer voorstellen. De afscheidsviering was indrukwekkend en bij de aanstelling van de nieuwe deken van Izegem was Overleie sterk vertegenwoordigd.

We kunnen nog vermelden dat E. H. Decoene tijdens zijn jaren op Sint-Elooi met zijn vaardige pen talrijke artikelen schreef voor Kerk en Leven, dat hij het parochiearchief organiseerde, dat hij proost was van organisaties als KAV en CMBV, …
Deze lange opsomming van activiteiten en engagementen, die nog verre van volledig is, mag ons niet doen vergeten dat Jozef Decoene als priester een man van gebed was, en iemand die met grote toewijding de "gewone" taken van een parochiepriester behartigde: voorgaan in de eucharistie, zieken bezoeken, verloofden voorbereiden op het huwelijk, de doopselpastoraal verzorgen, mensen bijstaan bij een overlijden enz. Hij hechtte veel belang aan persoonlijke contacten met zijn parochianen. In het eerste jaar na zijn benoeming op Sint-Elooi maakte hij er werk van om alle bewoners van zijn wijk te bezoeken en hij betreurde het altijd dat hij door zijn vele taken niet de tijd had om dit regelmatig opnieuw te doen.

We kunnen de persoon van Jozef Decoene niet beter typeren dan met de woorden die hij zelf liet optekenen in een kranteninterview uit 1987:
"Onze plicht als priester is te blijven studeren en ons bij te werken, preken voorbereiden, bezoeken van mensen ontvangen om diverse redenen… Zeker, onze dagen en soms stukken van de nacht zijn meer dan gevuld! In dat alles voel ik mij heel gelukkig. Het heeft mij nog nooit één ogenblik berouwd dat ik priester ben geworden en ik wil daarin nuttig zijn voor de gemeenschap tot mijn laatste snik of zolang mijn gezondheid het mij toelaat. Wij zijn tenslotte gezegende arbeiders op de akker van de Heer, die elk seizoen in bloei moet staan."
De oogst is rijk geweest.


Zuster Ann jubileert

Dit jaar viert zuster Ann Hanson van de Zusters van Liefde in de Rekollettenstraat haar gouden kloosterjubileum. Op zondag 26 september is er in de Sint-Elooiskerk om 9.45 uur een plechtige dankviering opgeluisterd door het Sint-Elooiskoor. Ongetwijfeld zullen veel parochianen eraan houden door hun aanwezigheid zuster Ann te feliciteren en te danken voor haar grote inzet. Op zondag 3 oktober is er om 9.45 uur nogmaals een plechtige dankviering, deze maal in het bijzonder voor de familie van zuster Ann.
Wij nemen de gelegenheid te baat om het engagement van zuster Ann eens uitgebreid te belichten.

Jeugd en roeping

Zuster Ann Hanson is afkomstig van Heule. Ze werd geboren als oudste van een gezin van acht kinderen. Vader was zelfstandig schoenmaker. Ze woonden aanvankelijk in de Harelbekestraat (nu Zeger van Heulestraat) tot de woning te klein werd voor het gezin. Vader en moeder Hanson waren zeer sociale mensen, die ondanks hun drukke beroeps- en gezinsleven hun kinderen aanmoedigden om ook behulpzaam te zijn bij andere mensen. Haar dynamisme en hulpvaardigheid heeft zuster Ann dus van huis uit meegekregen. Ann liep school bij de zusters in de Mellestraat, eerst de lagere school en daarna vier jaar middelbaar beroepsonderwijs. In die jaren bleek al dat zij graag met kinderen omging. Ze was actief als leidster van de Kroonwacht, een jeugdbeweging voor meisjes die later zou opgaan in de Chiro. Na haar studies bleef ze nog vier jaar thuis. Haar hulp was natuurlijk zeer welkom in het grote gezin en de zelfstandige zaak. Ann voelde zich echter aangetrokken tot het kloosterleven. Het was wel even slikken voor haar ouders toen ze vernamen dat hun oudste naar het klooster wilde gaan, maar ze stemden toe en op 8 september 1958 trad Ann in bij de Zusters van Liefde van Heule. Op 20 april 1960 werd ze geprofest, en het is van deze gebeurtenis dat dit jaar het gouden jubileum wordt gevierd.

Onderwijs

Blijkbaar had men in het klooster meteen gezien dat zuster Ann voorbestemd was om met kinderen te werken, want na haar geloften werd zij naar de Normaalschool Sint-Andreas in Brugge gestuurd, waar ze in 1964 het diploma van kleuterleidster behaalde.
Meteen verhuisde ze naar Lauwe, waar ze in de plaatselijke school aan de slag ging als kleuterleidster.
In 1976 volgde dan de transfer naar de Sint-Pius X-school, en kwam zuster Ann op Overleie wonen, in het klooster van de Rekollettenstraat. Ze bleef 25 schooljaren aan het werk in de Sint-Pius X-school, tot 30 juni 2001.
Zuster Ann gaf meestal de derde kleuterklas, soms de tweede kleuterklas, en af en toe zelfs een combinatie van tweede- en derdeklassers.
In de loop der jaren is het onderwijs natuurlijk geëvolueerd, en de hedendaagse kleuters (en hun ouders) hebben andere noden en verwachtingen. Zuster Ann heeft doorheen al die evoluties altijd met evenveel hartelijkheid, enthousiasme, creativiteit en deskundigheid voor haar kleuters gezorgd. En daarbij heeft ze altijd twee principes gehanteerd die vandaag nog even waardevol blijven: proberen voor iedereen gelijk te doen en voorrang geven aan de zwaksten.

Parochie

Met de komst van zuster Ann naar Overleie in 1976 begon meteen haar engagement voor de Sint-Elooisparochie. Onmiddellijk werd ze ingeschakeld in de vormselcatechese, waar ze haar geloof, haar creativiteit en haar talent om met jongeren om te gaan kon bundelen. Ze maakt nog altijd deel uit van onze sterke ploeg vormselcatechisten. Ze was jarenlang de vaste lector in de mis van halfnegen (in die periode waren er nog zes weekendmissen), ze was lid van de parochieraad, en bij alle mogelijke feestelijkheden werd op haar een beroep gedaan. Ook voor het versieren van de kerk met Pasen, Kerstmis en op andere feestdagen was ze steeds van de partij. Toen in de jaren tachtig begonnen werd met het vormen van parochiale teams om stilaan te komen tot een gedeelde verantwoordelijkheid van priesters en parochiegemeenschap, was het als vanzelfsprekend dat zuster Ann opgenomen werd in het parochiaal team van Sint-Elooi.

We kennen zuster Ann als iemand die graag bezig en actief is en dus verwachtte iedereen dat ze na het beëindigen van haar onderwijsloopbaan haar engagement op de parochie zou verder zetten. Al vlug zou blijken hoe onmisbaar zij voor de parochie was. Eind 2001 was de kerkfabriek namelijk op zoek naar een nieuwe koster-orgelist. Het bleek niet zo gemakkelijk meer om iemand te vinden die de functies van koster en orgelist kon combineren. Daarom werd geopperd om de twee op te splitsen. De toenmalige pastoor Patrick Degrieck trok zijn stoute schoenen aan en ging in de Rekollettenstraat polsen of de functie van koster niet iets voor zuster Ann zou zijn. Tot zijn vreugde stemden zuster Ann en haar overste onmiddellijk toe.

Hoeft het gezegd dat zuster Ann haar nieuwe opdracht met hart en ziel aanvatte? De honderd-en-een taken die ze als koster voor haar rekening neemt zijn altijd tot in de puntjes uitgevoerd: het altaar piekfijn geschikt, alle benodigdheden voor de vieringen op hun plaats, de voorraad kaarsen tijdig aangevuld, de gewaden met zorg klaargelegd en opgeborgen. En onze koster waakt erover dat die gewaden met ere gedragen worden: in Sint-Elooi zul je nooit een priester met een scheefhangende kazuifel of stola aan het altaar zien. Op weekdagen weet ze altijd wel iets te vinden dat moet gepoetst, opgeruimd of gerangschikt worden.

Maar er is meer: tegenwoordig wordt van een koster ook veel secretariaatswerk verwacht: bijhouden van registers, telefoons ontvangen, verdelen van folders die moeten verspreid worden op de parochie, noteren van inschrijvingen voor activiteiten, enz. enz. Zuster Ann krijgt het allemaal voor elkaar. Ook toen de sacristie, haar werkterrein bij uitstek, geruime tijd buiten gebruik was wegens restauratiewerken, versaagde zij niet. Haar bureau werd in de doorgang naar de Mariakapel geplaatst en onder het waakzaam oog van alle vroegere pastoors van Sint-Elooi (hun foto's hangen daar immers), werkte zij onverdroten verder.

Tot slot mogen we nog een aspect van haar inzet niet onvermeld laten. Het staat niet op de takenlijst van een koster, maar wie met zorgen in het hart de kerk binnenstapt zal bij zuster Ann altijd een luisterend oor, een bemoedigend woord en wat goede raad vinden.
Kortom, zuster Ann is officieel onze koster, maar in werkelijkheid is ze eerder de engelbewaarder van onze parochie.
Zij maakt ten volle het apostolaat waar dat de Zusters van Liefde voor ogen hebben:
"Behorend tot die kleine kerk van gelovigen, en midden van een wereld die God niet meer kent, die God niet langer wil, te midden van mensen die niet eens meer weten dat er een God, Schepper en Vader, is, willen de religieuzen God aanwezig brengen en naar God blijven verwijzen."


Walter Deschodt aangesteld als gebedsleider voor onze parochie

Pinksteren:
het feest van vuur,
het feest van bezieling door Gods Geest,
het feest van zending.

Net als toen zijn wij hier samen in het cenakel.
Ook met ons gebeurt het wonder van toen.
De heilige Geest komt over onze gemeenschap
en over elk van ons.

Mogen wij net als toen
mensen van grote bezieling zijn
en overal getuigen van Jezus.

De Kerk heeft het nodig.
En jij bent Kerk,
dus zal jij het moeten doen!

Blijf niet haperen!

Deze inleidende tekst bij de eucharistieviering op Pinksteren 2010 kreeg meteen concreet inhoud door de aanstelling van Walter Deschodt als gebedsleider voor onze Sint-Elooisparochie.
Walter voorstellen hoeft allicht niet meer. Hij is op onze parochie alomtegenwoordig: hij is dirigent en bezieler van het Sint-Elooiskoor, is sinds de oprichting van de Sint-Amandusfederatie in 2004 lid van de federale stuurgroep, is verantwoordelijk voor de ontmoetingsmomenten na de zondagsmis, organiseert de federale bedevaart naar Dadizele, coördineert de Sint-Elooisvieringen, bezoekt namens het federaal team de activiteiten van de senioren,… en we vergeten waarschijnlijk nog het een en ander.

Nu neemt Walter nog een nieuwe taak op zich, namelijk deze van gebedsleider. Deze functie werd gecreëerd met het oog op het dalend aantal priesters. In de toekomst zullen minder priesters beschikbaar zijn om de eucharistie op te dragen. Er zijn echter andere mogelijkheden om als gelovige gemeenschap samen te komen: in een gebedsdienst, een woorddienst, een kruisweg… Dergelijke gebedsdiensten mogen door leken geleid worden. Na het volgen van een cursus kan een leek, op aanvraag van de federale stuurgroep, door het bisdom aangesteld worden als gebedsleider.
Walter volgde naast de cursus voor gebedsleiders ook een cursus voor het begeleiden van uitvaardiensten. Hij kan op vraag van de moderator en rekening houdend met de wensen van de nabestaanden een aantal taken rond de uitvaartliturgie op zich nemen.

In de hoogmis van Pinksteren werd deze aanstelling tot gebedsleider met een korte plechtigheid bevestigd. Wij danken Walter voor zijn inzet. Mag zijn pastorale werk rijkelijk vrucht dragen.


Pr. Flor Claerhout: mijn roepingsverhaal

Naar aanleiding van zijn gouden priesterjubileum, dat in de Sint-Elooiskerk werd gevierd op zondag 18 april 2010, schreef priester Flor Claerhout het verhaal van zijn priesterroeping neer.
Pr. Flor Claerhout was medepastoor van onze Sint-Elooisparochie van 1988 tot 1997, daarna enkele jaren hulppriester en aalmoezenier van verschillende rusthuizen. Hij is nu nog steeds aalmoezenier van rusthuis Biezenheem in Bissegem. Hij woont nog steeds op onze parochie en zet zich in door vele bezoeken bij zieken en bejaarden.

We laten pr. Flor aan het woord:

"Vooreerst zeg ik van ganser harte DANK aan de ZEER VELEN die meegeholpen hebben aan mijn (onze) jubileumviering van zondag 18 april. Het was een hartverwarmende ervaring met zovelen de Heer te mogen loven en danken voor 50 jaar priester-zijn in dienst van zeer velen! TE DEUM LAUDAMUS… U GOD LOVEN EN DANKEN WIJ!

Onlangs vroeg mij een kennis op de man af: Maar priester Flor, hoe en wanneer zijt gij "op het gedacht gekomen" om priester te worden? Ik heb hem ongeveer als volgt een antwoord gegeven. "Dat gedacht" komt eigenlijk eerst en vooral van hierboven. Een priesterroeping komt van God die "roept". En de geroepene kan erop antwoorden… of niet antwoorden. God roept niet in eigen persoon, maar via… via… via ménsen. Hij kan vroeg of laat roepen, op jonge leeftijd of op gevorderde leeftijd. Zo zijn er vroege en late roepingen, verwachte en onverwachte, gewone of buitengewone roepingen, denk maar aan die van Paulus!

Mijn roeping was tamelijk gewoon en toch ook ongewoon, tamelijk vroeg… en toch ook wat laat. Zij dateert van 61 jaar geleden. Eerst een beetje voorgeschiedenis… Ik ben als oudste zoon van een middenstandsgezin geboren in 1934. Na mij volgden nog een zus en drie broers. Mijn vader was zelfstandige loodgietersbaas en moeder leidde onze gekende "ijzerwinkel" JAVA op Overleie in Harelbeke. Als eerste en oudste zoon werd ik na mijn "plechtige communie" in 1946 naar het H.-Hartcollege in Waregem gestuurd. Ik werd er ingeschreven in de handelsafdeling 2e jaar. Vader Evarist en moeder Agnes moeten daarbij gedacht hebben dat ik een vijftal jaren later, na het zesde handelsjaar, thuis zou kunnen bijspringen in de zaak, om ze later dan ook voort te zetten. Vader zou dan ondertussen al in de vijftig zijn (hij was namelijk "laat" getrouwd) en hij zou mijn hulp goed kunnen gebruiken. Ik begon naarstig aan mijn "handelsstudies": rekenen, boekhouden, dactylo, steno enz… 2e handel, 3e handel, 4e handel. Toen er plots een onvoorziene en onverwachte wending kwam. U kunt al enigszins raden wat! De mens wikt maar God beschikt.

Tijdens de jaarlijkse schoolretraite preekte een pater Jezuïet met gloed en overtuiging onder meer over het priesterschap: Jezus roept ook hier en nu mensen zoals 2000 jaar geleden… "Kom en volg Mij. Ik zal van u vissers van mensen maken"… Plots dacht ik: "Dat is hier tot mij gezegd, dat is nu voor mij bedoeld!" Ik voelde mij geroepen om priester te worden. Ik was dan 15 jaar jong. Maar ik zat in de "verkeerde" studierichting… Ik ging er met mijn biechtvader over praten. Hij raadde mij aan er nog met niemand over te spreken, tenzij met mijn ouders. Thuis heb ik er eerst met moeder over gesproken. Zij was blij verrast en pinkte een traan weg. En zij heeft het doorverteld aan vader die er ook mee akkoord ging. Al moet hij gedacht hebben dat hij nu nog enkele jaren langer zou moeten wachten om een helper en opvolger te hebben. De volgende zoon was namelijk vijf jaar jonger dan ik! En vader was toen al de vijftig voorbij. Maar hij heeft dat offer gebracht… om mij priester te laten worden. Hij heeft er een stuk van zijn gezondheid en van zijn leven voor opgeofferd.

Zo moest ik na het 4e handelsjaar van richting veranderen: van het 4e handel naar het 4e Latijn. Een moeilijke overstap, maar met Gods hulp en de hulp van edelmoedige priester-leraars die mij speciale lessen Latijn en Grieks gaven, vond ik algauw mijn weg in de Grieks-Latijnse humaniora. Vier jaar later - in 1953 - eindigde ik de "Retorica" met succes. Samen met nog een drietal van mijn klas trok ik naar het seminarie in Brugge. Wij begonnen met 40 eerstejaars, waarvan 22 priester geworden zijn.

Ik dank hier van harte mijn ouders - vader en moeder zaliger - aan wie ik voor een belangrijk deel mijn roeping te danken heb. Dank ook aan al mijn priester-leraars en opvoeders die mij gevormd hebben op weg naar het priesterschap. Dank aan allen die mij gesteund hebben door hun gebed en gelovig voorbeeld. En bovenal DEO GRATIAS - GOD ZIJ DANK GEBRACHT. Een grote DANK-U-WEL ook aan allen die meegewerkt hebben om de jubileumviering van zondag 18 april zo prachtig uit te werken en zo vlot te laten verlopen. Wij hebben er allen deugd aan beleefd, de drie jubilarissen en de zeer velen die meegevierd hebben! DANK -DANK -DANK aan u allen, van Pr. FLOR, Pr. LIEVEN en Pr. ERIK."

Pr. Flor Claerhout


Cyriel Christiaens, 15 jaar voorzitter Seniorenwerking "De Eeuwige Lente"

Cyriel Christiaens is een zeer bekende figuur op de parochie van Sint-Elooi. Zeer vele Overleienaars kennen Cyriel als een bezige bij. Altijd klaar om te helpen en een handje toe te steken. Voor Cyriel is het parochiecentrum een locatie waar hij zeer vele uren van zijn leven heeft doorgebracht en op heden nog altijd verder actief is.
In dienst staan van zijn medemensen is voor hem zeker een levensdoel.
Hij kent een bepaald evangelievers zeer goed dat zegt:” Ik ben hier niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen.”
Cyriel werd 15 jaar geleden tot nieuwe voorzitter van de seniorenwerking aangesteld. De toenmalige pastoor E.H. Lambrecht was getuige toen Cyriel het voorzitterschap op zich nam.
De senioren komen iedere donderdagnamiddag samen in het parochie-
centrum van 13u30 tot 17u30 om een kaartje te leggen, maar zeker ook om de samenhorigheid aan te voelen.
Na een tas koffie en een gezellige babbel worden de kaarten boven gehaald.
Als fiere voorzitter staat Cyriel achter de tapkast om iedereen van een gewenst natje te voorzien.
Voor Cyriel is het een grote eer om zolang voorzitter te mogen zijn. Hij is ervan overtuigd dat mensen sociaal contact nodig hebben.
Communicatie doet mensen herleven, is een gezonde tijdsbesteding en schept innerlijke vreugde onderling.
Hij zet zich 100% in om de werking van de senioren goed en vlot te laten verlopen. Als eerste is hij in het parochiecentrum aanwezig om alles klaar te zetten, maar hij is ook de laatste die de donderdag de deur dicht doet.
Cyriel, we hopen en wensen dat u nog meerdere jaren mag voorzitter blijven en de seniorenwerking verder genegen zijt.

W. Deschodt


Zuster Simonne: een diamanten kloosterjubileum en een In Memoriam

Zondag 28 juni 2009 was een zeer mooie dag in de Sint-Elooiskerk en heel de parochie. We vierden met heel velen het diamanten kloosterjubileum van zr. Simonne van de zustergemeenschap Zusters van Liefde in de Rekollettenstraat. Het was op vraag van zr. Simonne een eenvoudige viering maar misschien juist daardoor was ze zo sterk en innig.
Het koor en de trompetten zorgden voor een mooie muzikale ondersteuning. Radio Maria zond de viering zelfs uit in heel Vlaanderen en Nederland. Na de viering was er een zeer aangename receptie die de zusters ons aanboden.

Helaas is zuster Simonne op 3 september 2009 overleden. Zij werd aan de Heer toevertrouwd in de uitvaartmis op 12 september in de Sint-Elooiskerk.

Als blijvende herinnering geven we hier een gesprek weer dat pr. Noël had met zr. Simonne ter voorbereiding van haar jubileum.

Zr. Simonne, kun je ons iets vertellen over je vroegste jaren?
Zr. Simonne: Ik werd geboren in 1926 in het goede Roeselare. Ik was de jongste van twee. Mijn ouders waren ingoede mensen, ik ben ze er heel dankbaar voor. In 1947 trad ik binnen bij de Zusters van Liefde uit Heule. Ik begon mijn opleiding en twee jaar later, in 1949, werd ik al geprofest voor het leven… Nadien mocht ik naar de Normaalschool in Brugge gaan om er mijn diploma voor het onderwijs te halen.

Zr. Simonne, nadien volgde een gevuld leven. Kun je ons iets vertellen?
Zr. Simonne: Toen ik afgestudeerd was, werd ik benoemd in de lagere school van Kuurne. Ik heb er les gegeven van 1953 tot 1961. In 1961 mocht ik dan naar Kortrijk komen, in de Recollettenstraat, waar ik nog altijd woon en heel gelukkig ben. Ik heb hier in Kortrijk eerst les gegeven in onze lagere school. Ik heb dit gedaan tot in 1971. Op dat moment begon er een nieuw apostolaat. We startten een centrum voor kinderen met een mentale handicap.

Zr. Simonne, hoe is dat verder gegroeid?
Zr. Simonne: Het is een heel mooi gebeuren geworden dat nu de naam ‘Zonnebloem’ draagt. Ik weet nog goed dat we een naam zochten en toen we met enkelen rondkeken in ons gebouw zagen we een mooie affiche met een zonnebloem en een zon, met daaronder de tekst: ‘De zon zegt nooit: het is genoeg. De zon zegt nooit: ik schijn niet meer…’ Daar ligt de oorsprong van onze naam…

Zr. Simonne, kun je ons nog iets vertellen over je jaren van pensioen?
Zr. Simonne: Wel, in 1992 heb ik de fakkel doorgegeven en begonnen er wat rustiger jaren. Ik bleef hier in Kortrijk wonen en heb hier in deze gemeenschap zoveel goeds mogen ervaren. Vanaf 2001 mocht ik de heel goede zuster, zr. José, opvolgen als overste. Maar het belangrijkste in onze gemeenschap is dat alle zusters zo goed voor elkaar zijn. We mogen samen voor vele mensen een thuis zijn…

Zr. Simonne, kun je ons nog iets vertellen over je spiritualiteit?
Zr. Simonne: De H. Thérèse de Lisieux is voor mij een inspiratie. Haar kleine weg van de liefde is zo mooi. Jezus en je mensen elke dag liefhebben in zoveel kleine dingen… Ook de mensen die ik mocht ontmoeten hebben me veel gegeven. Eén iets misschien: toen zr. José al heel ziek was, zei ze me op een dag: ‘Geef het allemaal aan Jezus. Hij kan er zoveel mee doen.’ Het is zo waar. Mocht ik mijn leven herdoen, ik zou helemaal hetzelfde doen, maar nog meer proberen mijn best te doen. Het is heel schoon geweest.

Zr. Simonne, heel veel dank voor dit interview maar vooral voor wie je bent en voor heel je gemeenschap die zoveel goeds betekent voor onze parochie. We wensen je alle goeds toe. Dank je wel!


Zuster Jenny viert haar gouden kloosterjubileum

Op zondag 7 september, in de hoogmis op Sint-Elooi, vierden we met velen het vijftigjarig jubileum van de professie van zuster Jenny, zuster van Liefde uit de Rekollettenstraat.
Het evangelie van die zondag kon niet passender zijn: “Waar er twee of drie verenigd zijn in mijn naam, daar ben Ik in hun midden,” zegt Jezus ons.
We waren inderdaad met velen samengekomen rond de Heer, mensen van Sint Elooi, Overleie, medezusters, familie en vrienden, om Hem te danken voor een wel heel bijzondere zuster.
Vijftig jaar geleden beloofde zuster Jenny ongehuwd te blijven voor de Heer, te gehoorzamen aan haar oversten en zonder persoonlijk bezit te leven.
Het was het begin van een leven van trouw aan Jezus en aan het gegeven woord, dienstbaar voor medezusters en voor velen die op haar weg kwamen.
Onze zuster Jenny is een rasechte Kortrijkse, gesneden uit het goede sterke Vlaamse hout, geboren op Vlaamse grond in de kelderkeuken van een huis in de Beheerstraat.
Al van jongsaf was ze geïnspireerd door de figuur en het leven van broeder Isidoor.
De overbrenging van zijn lichaam van het kerkhof naar de Passionistenlaan in 1951 moet een onvergetelijke indruk op de jonge Jenny gemaakt hebben.
Op zestienjarige leeftijd voelde ze zich al geroepen om naar het klooster te gaan. Maar zoals jullie weten was dit toen nog een tijd, waarin vaders nog iets te zeggen hadden.
Pas op eenentwintigjarige leeftijd, in september 1956, kreeg ze toelating om in te treden bij de Zusters van Liefde te Heule en kon zuster Jenny, nu zuster Isidora geworden, positief antwoorden op de stem van God, die steeds luider was blijven roepen.
Wat volgde was een vruchtbaar leven van dienstbaarheid aan God, medemens en medezusters: de laatste twintig jaar op Overleie in de Rekollettenstraat.
Ook de parochie kan altijd op zuster Jenny rekenen, als lector in de zondagavondliturgie en al van in de opstart, als zingend lid van ons Sint-Elooiskoor.
Het was trouwens een praktisch voltallig Sint-Elooiskoor, dat in de verzorgde eucharistie een speciale sfeer bracht met mooie liederen, zelf gekozen door zuster Jenny en die door velen enthousiast werden meegezongen.
De dirigent van het koor, Walter Deschodt, hield er trouwens aan om zuster Jenny na de viering nog eens uitgebreid te danken voor zoveel inzet en trouw.
Dat gebeurde symbolisch met drie geschenken: bloemen, puzzels en een mand vol zoetigheden, drie dingen waar zuster Jenny dol op is.
Ook namens de priesters en de diakens werd zuster Jenny figuurlijk in de bloemetjes gezet.
Gans de parochiegemeenschap is gelukkig met haar inzet, haar voorbeeld van blijheid en optimisme, maar vooral met haar gebed. Want naast al haar praktisch werk, blijft zuster Jenny vooral een biddende zuster, die altijd meer voor anderen vraagt, dan voor zichzelf.
Met zijn allen hopen en bidden we dat deze altijd lachende en blije zuster, echt iemand naar het hart van Jezus, nog lang in ons midden mag blijven.

Kris Vergote-Tandt


Op interview bij mevrouw Thérèse Tanghe-Toye

Thérèse Toye, geboren te Kortrijk op 23 mei 1925 als oudste uit een gezin van negen, won als echte Overleienaar de gouden medaille Frans Dewitte. In het auditorium van het museum 1302 in het Begijnhofpark, reikte het gemeentelijk ACW Kortrijk deze prijs uit, genoemd naar priester-journalist Frans Dewitte die het weekblad De Volksmacht stichtte. Van voorzitter Eddy Vanlancker vernam Thérèse dat zij voor haar jarenlange inzet voor het sociaal welzijn van haar streekgenoten genomineerd werd. Echt gelukkig was ze niet dat haar die eer te beurt viel. Ze is niet zo voor al die belangstelling te vinden, maar doordat het ganse bestuur erachter stond, kon zij niet weigeren. Ze heeft de gouden plak aanvaard in naam van alle vrijwilligers van Overleie, want veel mensen komen voor die erkenning in aanmerking.

Van 1953 tot 1980 hield zij, dus na haar huwelijk in 1947 met Bertje Tanghe die haar drie zonen schonk, een juwelierswinkel open op Overleie. Een hele resem sociale engagementen vulden het leven van Thérèse rijkelijk.
Veertien jaar was ze voorzitster van de KAV. Als oudste van negen had ze van alles meegemaakt op de parochie. Haar sociaal meevoelen kwam er ook gedeeltelijk doordat Thérèse een gehandicapte broer had waar ze een innige band mee had en waar ze door het vuur zou voor gaan. Via de Spatjes geraakte Thérèse in de ziekenpastoraal. Ook de boekhouding nam ze sedert 1971 voor haar rekening, wat ze nog steeds doet. De eerste ziekendag, waarop de Spatjes geschenkjes ronddelen, dateert van 1973. Thérèse werd een van de vaste figuren sedert 1974. Aan de hand van de lijsten van de Spatjes is de ziekenpastoraal ontstaan. Later ontstond Ziekenzorg C.M. waar Thérèse tot op heden nog in het bestuur zit. Zij heeft ook de lokale afdeling van Kind en Gezin gesticht en ze heeft jaren gespeeld bij Taal en Kunst waar ze ook haar man leerde kennen. Nu is ze souffleur bij de Spatjes wat ze heel erg graag doet. Daarnaast is ze lid van de parochieraad en filateliste. Thérèse doet wekelijks ziekenbezoeken in de buurt en kliniekbezoek op campus Sint-Maarten. Daarnaast is ze een erg belezen vrouw, die zowel interesse heeft voor talen, historische boeken als familiekronieken.

Op 17-jarige leeftijd, na haar middelbare studies (ze sloeg haar tweede middelbaar over) eerst op pensionaat te Heule, later in Bijstand te Kortrijk, wou Thérèse graag Germaanse talen studeren, maar dat mocht niet van moeder, die weduwe was geworden in 1940 toen vader verongelukte.

De gedrevenheid waarmee deze kranige dame tot me sprak, heeft me in de diepste vezels van mijn zijn geraakt.
Haar intellectueel vermogen, haar rechtvaardigheid, haar ietwat rebels voorkomen, haar sociaal gevoel, haar interesses voor toneel, opera, operette, muziek, lectuur, reizen en fotografie hebben bij mij een groot gevoel van respect teweeggebracht.

Toen ik op het eind van de namiddag vroeg of ze hetzelfde zou doen, wanneer ze haar leven zou overdoen zei ze met vastberaden stem: Ja zeker! Ik ben een gelukkige vrouw en ik hoop dat ik nog jaren ten dienste kan zijn voor mijn medemens. God schept de dag en die neem ik zoals die komt.
Ik mag dat in feite niet zeggen maar het kaartje dat ik deze morgen in mijn brievenbus kreeg van een zieke vrouw, heeft me zo diep geraakt dat ik heb zitten wenen als een klein kind, dat is meer dan die gouden medaille.
“Een lieve groet om te bedanken voor de warmte die je geeft.
Je oprechte steun is waardevol.
Je hebt gevoel voor al wat leeft.
Je bent een héél bijzonder mens.
Vrolijk betrokken en attent.
Ik voel me rijk met de gedachte dat je er altijd voor me bent.
Dank voor zoveel fijne momenten die ik koester als een kostbaar geschenk.
Hopelijk kan deze kaart illustreren hoe ik over onze vriendschap denk”.

Met deze woorden, gegrift op papier, maar zeker gebrand in mijn hart, nam ik dankbaar afscheid van een klassevrouw, een dame om U tegen te zeggen.

Kris Vergote-Tandt


Zuster Samuela en Zuster Hermilis, de laatste zusters van het Sint-Amandscollege

Bij de Zusters van het Geloof, sedert 1938 dienstbaar in het Sint-Amandscollege te Kortrijk, wordt met het inluiden van het nieuwe schooljaar een heel belangrijk hoofdstuk afgesloten. De laatste zusters verlaten eind augustus het college.

Vroeger waren ze met tien zusters die altijd ten dienste stonden van de kinderen. Tijdens de vakantie was er geen personeel en deden de zusters al het werk. Hun verlof was een doevakantie. Taalstages, muziekstages en zelfs sportstages waaronder basket stonden steevast in hun drukke agenda genoteerd.

Zuster Samuela, geboren te Wingene op 6 juni 1926, is de nestor van de twee zusters. Ze had drie nichten in het klooster, waar ze naar op keek. Op 23-jarige leeftijd trad ze binnen. Ze had geen studies gedaan, wel wat koken en naaien en de “menage doen” geleerd, want zij waren met elf kinderen thuis. Vanaf haar drieëntwintigste verbleef ze een drietal jaar bij de zusters van het geloof in de Ruiseleedsesteenweg te Tielt. Dan werkte ze vier jaar in het Sint-Amandscollege te Kortrijk, voornamelijk als “kok”. In 1958 leerde ze vijf verschillende huizen kennen, daarmee was ze niet gelukkig: " Wanneer ik iedereen begon te kennen, moest ik weer ergens anders naar toe." In 1963 kwam ze voorgoed naar Kortrijk, waar ze zich altijd gejeund heeft. De mooiste tijd die ze mocht doorbrengen was wel in Tielt. "Er waren daar veel zusters en daar heb ik veel leute gehad! Echt met pijn in het hart, ga ik niet weg," zegt ze. "Ik blijf in Kortrijk, in Sint-Vincentius, huis Groeninge, ’t is wel géén rustoord hé," voegt ze er met haar twinkelende oogjes aan toe. "Daar verblijven momenteel een 16-tal zusters die wat meer zorgen nodig hebben. Ik ben blij dat ik in de stad Kortrijk kan blijven, ik ken de stad. Verder zal ik nog wat profiteren van de dagen die God me schenkt en de toekomst nemen zoals die komt."

Zuster Hermilis is ook van Wingene afkomstig. Ze zag het levenslicht op 1 september 1932. Ze waren met twaalf kinderen thuis. Op zevenjarige leeftijd verhuisde het gezin naar Houthulst. In Sint-Jozef te Tielt was ze op pensionaat en keek ze vol bewondering op naar de leefwijze van de zusters. Op 21-jarige leeftijd trad ze binnen bij de Zusters van het Geloof. Zij is altijd heel gelukkig geweest in haar roeping. Graag wilde ze naar de missies, maar eens binnen in het klooster, werd er geen rekening gehouden met je eigen wil, zegt ze kordaat. We waren met 45 in het noviciaat en de oudere zusters en zij die gestudeerd hadden, stuurden ze weg naar vreemde oorden. Ik was maar tot zestien jaar naar school geweest, ik was "van den boer” en kunnen koken en naaien was voldoende. In 1956-57 werd zuster Hermilis geprofest in Oostende. In 1958, na haar eeuwige professie, werd ze naar Kortrijk overgeplaatst. Haar taak in het college bestond hoofdzakelijk uit huishoudelijk werk. Wanneer ik haar vraag wat haar mooiste jaren waren, schiet haar gemoed vol en zegt ze met tranen in haar ogen: “De tijd dat ik bij de kinderen stond”. Haar werd gevraagd om nu te verhuizen naar Tielt. Het is ook voor haar een vrije keuze om Sint-Amandscollege te verlaten. "Alles is zo veranderd," zegt ze. "Sedert twee jaar doen we geen ziekendienst meer, de opvoeders doen dit nu. Alles verandert, zo ook de directie. Op 28 augustus ben ik hier 50 jaar ten dienste geweest, dag in dag uit, géén vakantie, en toch deed ik het heel graag, niets was me te veel. Zo iets wis je niet in één, twee drie uit. In feite voel ik met wat onzeker en bang voor wat de toekomst me brengen zal. Hier in Kortrijk wonen we heel ruim en we zijn maar met twee. In Tielt zal er terug rekening moeten gehouden worden met 16 bejaarde zusters. Mijn taak zal er voortaan uit bestaan of zij er goed en netjes uitzien. Men vindt me nog te jong en te goed," zegt ze al lachend, "om nu al op rust te gaan."

Hopelijk gaat hun afscheid van het Sint-Amandscollege niet zomaar voorbij. Vijftig jaar in dienst staan voor je medemens vraagt tenminste toch een grote dankjewel voor de jarenlange tomeloze inzet.

Met een dankjewel van mijnentwege voor hun openhartig gesprek, sluit ik de deur van het Sint-Amandscollege voorgoed achter me.

Kris Vergote-Tandt